|
Waarom de BPA gaat winnen
De BPA gaat morgen winnen. Dat staat vast. De vraag is alleen nog: hoeveel gaat de BPA winnen?
De zekerheid dat de BPA gaat winnen kreeg ik gisteren toen ik de AC las. D66-lijsttrekker Pim v/d berg, vier laar lang als JA-raadslid meestemmend met het coalitiebeleid wilde van de journalist het woord burger niet horen. “Want dat afficheer ik met de Burger Partij Amersfoort” .
Kijk dat ik toen ik dat las, ontlokte me dat een juichkreet een betere erkenning dat we een serieuze partij zijn is er niet.
We maken zelfs de kans de grootste partij van Amersfoort te worden. Die ambitie hebben we in de campagne ook niet onder stoelen of banken gestoken. Waarom ook? We hebben er vier jaar lang onze stinkende best voor gedaan, dag in, dag uit, roeiden dwars tegen de stroom in op vele grote en kleine onderwerpen. En een ander belangrijk punt: net als politici hebben kiezers een hekel aan verliezen; ze afficheren zich bovendien graag met kansrijke underdogs. En dat we goed op koers zitten bewijzen de plaatselijke politici van de landelijke partijen vrijwel dagelijks. Plotseling beweren ze dat ook zij écht lokaal zijn. Maar ze vallen voor het oog van de kiezer genadeloos door de mand. Vier jaar lang sollen met de belangen van je eigen electoraat poets je niet in drie maanden weg.
Even kort de belangrijkste verklaringen waarom we gaan winnen:
1. Vier jaar terug haalden we 8.000 stemmen (vijf zetels) als plaatselijke protestpartijtje. We wisten dwars tegen de landelijke LPF-trend in Amersfoorters voor ons te winnen door het bulldog-effect van Hans en Kees: ergens je tanden in vastbijten en dan niet loslaten. Na die verkiezingsoverwinning wisten we dat om die 8.000 kiezers vast te houden we alles op alles moesten zetten om ze niet los te laten. Dus waren we er op elk moment, om het even welk onderwerp: die 8.000 BPA-stemmers moesten consequent gevoed worden in het besef: die BPA laat ons niet in de steek, die doen tenminste wat. We zijn het misschien niet altijd met ze eens, maar ze laten wél van zich horen en zijn consequent vier jaar lang. Die 8.000 kiezers hebben dus geen reden om op 3 maart spijt van hun BPA-stem te hebben.
2. Door belangrijke fractieaanwinsten in de vorm van raadsleden die hun mannetje in de gemeenteraad stonden konden we de stem van Hans en Kees bestuurlijke inhoud geven. Met talrijke goed onderbouwde initiatiefvoorstellen, amendementen, moties en noem maar op slaagden we erin het protest in bestuurlijke actie en geloofwaardig handelen neer te zetten. Als het nodig was zochten we samenwerking, het liefst met een coalitiepartij omdat de kans op succes dan het grootst is. Maar vaak ook opereerden we als enige partij met een afwijkende mening. Hoe vaker we alleen stonden, des te beter profileerden we ons naar de kiezers.
3. De kiezers zijn die acht jaar lange samenwerking tussen PvdA,VVD, CDA, GL en CU meer dan zat. Een politiek monsterverbond, waarbij bescherming van zwakke wethouders voorop stond, niet het belang van de burgers. En ondanks die enorme PR-machine op het stadhuis met een leger aan voorlichters om het beleid te verkopen, slaagden we er toch in regelmatig gaten in dat beleid te schieten. En ons te profileren als enige echte lokale partij. De campagnes van de landelijke partijen hebben ons als BPA ook enorm geholpen. Niemand van de coalitiepartijen die de afgelopen maanden zich de successen van acht jaar politieke samenwerking durfde te noemen. Integendeel, het leek met name tussen PvdA CDA en VVD een race om zoveel mogelijk afstand van het gevoerde beleid te nemen (veiligheid, verkeer, multicultibeleid). En dat brengt veel kiezers morgen in het stemhokje op het idee: als dat beleid inderdaad het verdedigen niet waard is, waarom zou ik dan niet stemmen op de BPA die dat al vier jaar lang van de daken schreeuwt.
Reacties
[9] |